Programma
Nieuwsoverzicht

Ted Russell Kamp zet een gevarieerd menu voor

17 augustus, 2020

Ted Russell Kamp 2020

Bassisten zijn stille krachten. Ted Russell Kamp is er zo een. In de tijd dat hij niet voor anderen aan het werk is, heeft hij stilletjes een imponerend oeuvre als singer-songwriter opgebouwd. Album nummer twaalf is net uit, het bijzonder gevarieerde Down In The Den, voornamelijk opgenomen in zijn eigen hol ‘The Den’. Hij heeft aardig wat vrienden gestrikt voor een gastrol, waaronder Shooter Jennings bij wie hij in de band zit.

Voor eigen rekening

Wat is hij nou een bandlid (bassist bij Shooter), sessiemuzikant (bij o.a. Tanya Tucker en Jaime Wyatt) of een singer-songwriter? Hij is het eigenlijk alle drie wel. Maar je vraagt weleens af wat zou er gebeurd zijn met Ted Russell Kamp als hij meer voor eigen rekening was gegaan? Het is zo’n situatie vergelijkbaar met die van Anne Soldaat in Nederland, die zichzelf ook uitvlakt in het belang van Tim Knol. Afijn, het loopt zoals het loopt. In een ander tijdsgewricht zou-ie waarschijnlijk een veel groter publiek hebben bereikt.

Bassisten zijn stille krachten.

Tijdloos album

Zijn nieuwe, twaalfde album alweer, Down In The Den – goed scorend in de recente albumtiplijstjes van onze ambassadeurs - geeft weer alle aanleiding voor dit soort bespiegelingen. Gestoken in zo’n prachtige jaren zeventighoes met een portretfoto en in de kantlijn alle tracks op een rijtje gezet krijg je direct duidelijke hints naar wat je muzikaal kunt verwachten. Het is een redelijk klassiek te noemen singer-songwriter-album dat de tand des tijds met gemak zal kunnen doorstaan. Het had het evengoed een plaat van nu als van veertig tot vijftig jaar geleden kunnen zijn.

Bassisten zijn stille krachten.

Have Some Faith

Van vele markten thuis

Productioneel gebeuren er geen rare dingen. Wat vooral opvalt is de enorme diversiteit aan genres. Alleen al in de eerste vijf á zes nummers krijgen we al zo'n enorm klankenpalet voorgeschoteld. De variatie is dermate groot, dat het nauwelijks opvalt dat het album bijna een uur klokt. Openingstrack Home Sweet Hollywood is Southern rock met ‘baas’ Shooter Jennings op tweede stem. Have Some Faith is een swampy bluesy ‘insluiper’, terwijl Waste A Little Time dixieland toevoegt aan het rijke menu.

Bassisten zijn stille krachten.

Stick With Me

Stilstaan bij elke zuidelijke stad

Stick With Me niet te verwarren met het nummer van Graham Parker met die naam is een countrysong. Hold On is dan weer soulful pop met medewerking van Gordy Quist van Band of Heathens die er ook aan meeschreef. Het met blazers opgetuigde Hobo Nickel borduurt dan weer voort op die dixieland, met de achteloosheid van The Band. De zang gaat richting Dr. John. Geen wonder met die New Orleans- invloeden. Eigenlijk staat Russell Kamp stil bij elke zuidelijke stad van enige (muzikale) betekenis.

Bassisten zijn stille krachten.

Hold On

Geen tijd om je te vervelen

Zo gaat het maar door. Geen tijd om je te vervelen. Blijf vooral luisteren tot en met het einde, want Take My Song With You, het countryduet met Kirsten Proffitt, is niet te versmaden. Voor wie nog een beetje Memphis soul wilt, moet een stukje terug om Word For Word met Sarah Gayle Meech af te spelen. En anders Every Little Thing met dat huppelende basloopje van de veelgevraagde sessiebassist die Ted ook is. Hoor hem trouwens zichzelf alleen begeleidend op bas op Rainy Day Valentine, de intiemste track.

Een verbazingwekkende hoop huisvlijt

Het is zeker niet de eerste keer dat Ted Russell Kamp zo gevarieerd uitpakt, maar misschien is de overtuiging nu groter. Die moet zich thuis voelen in The Den, zijn homestudio uit de albumtitel, waar hij het grootste gedeelte van het album opnam. Op de hoes krijgt hij ook de credits voor productie en engineering. Dat is een verbazingwekkende hoop huisvlijt en dan ook nog eens op het hoogste niveau.

Tekst door: Robbert Tilli