Programma
Nieuwsoverzicht

Josh Ritter tapt uit een ruiger vaatje

7 juni, 2019

Josh Ritter 2019

Onze ambassadeur Eddie Aarts constateert in zijn concertvoorbeschouwing dat Josh Ritter op zijn nieuwste album Fever Breaks uit een ander, ruiger vaatje tapt. Hoofdverantwoordelijke voor dat stevigere geluid is grootmeester Jason Isbell, die de plaat produceerde en die zijn eigen band The 400 Unit uitleende aan zijn vakbroeder. Onderschat ook niet hoofdpersoon Ritter zelf, die uit zijn comfortzone is gestapt en alles in de studio eens uit handen gaf aan een ander. Dat doet hij natuurlijk niet op 19 juli in Paradiso waar hij met zijn vaste begeleiders zal aantreden.

Liedje en verhaal staan centraal, de vorm is kneedbaar

Josh Ritter is in Amsterdam al jarenlang een geziene gast. Solo of met begeleiders wist hij zowel op de ‘buitenlocaties’ Bitterzoet en Het Zonnehuis als in de Grote Zaal aan de Weteringschans indruk te maken. Aan het uitstekende concert dat een uitgelaten Ritter aldaar met zijn Royal City Band op 4 december 2017 verzorgde zal menig Sugar Mountain-lezer met plezier terugdenken. Op vrijdag 19 juli mogen we hem opnieuw verwelkomen.

De op zijn achttiende al singer-songwriter pur sang begonnen Ritter laveert inmiddels al zo’n 20 jaar ergens tussen folk, country en rock. Het liedje en vooral het verhaal daarin, staan altijd centraal, maar de vorm is kneedbaar. ‘Puristen’ uit de Sugar Mountain achterban hebben hem vermoedelijk links laten liggen, maar doen er goed aan de oren nu toch eens te spitsen, want op zijn recent verschenen album Fever Breaks laat de in Idaho geboren muzikant een ander geluid horen. En niet toevallig. De plaat is opgenomen met Jason Isbell and The 404 Unit.

Onze ambassadeur Eddie Aarts constateert in zijn concertvoorbeschouwing dat Josh Ritter op zijn nieuwste album Fever Breaks uit een ander, ruiger vaatje tapt.

Losing Battles

Accepteer de voorkeurscookies om de video te bekijken.

De controle uit handen gegeven

Tijdens een telefoongesprek legt de tegenwoordig in New York woonachtige Ritter uit dat hij niet in vertrouwde patronen wilde terugvallen en behoefte had het over een andere boeg te gooien. Dat lukte door comfortzones te vermijden en de teugels tijdens het opnameproces uit handen te geven aan niemand minder dan Jason Isbell. En dus werd de plaat met diens band the 404 Unit én zangeres/violiste Amanda Shires opgenomen in Nashville.

Onze ambassadeur Eddie Aarts constateert in zijn concertvoorbeschouwing dat Josh Ritter op zijn nieuwste album Fever Breaks uit een ander, ruiger vaatje tapt.

I Still Love You (Now and Then)

Accepteer de voorkeurscookies om de video te bekijken.

Amanda Shires als verbindende schakel

Shires was eerder de verbindende schakel tussen de twee heren, al ging dat niet direct van een leien dakje. In een interview met Rolling Stone vertelde Isbell dat hij de naam Josh Ritter nogal eens hoorde vallen toen hij nog maar nét aan het daten was met Shires. Op dat moment worstelde hij nog volop met een inmiddels bedwongen alcoholverslaving - een duurbetaalde erfenis van zijn jaren in de Drive By Truckers - en kon om het even welke door haar genoemde kerel slechts op commentaar en kritiek rekenen. Pech voor Jason, want Amanda - inmiddels mevrouw Isbell en moeder van hun dochtertje - was al jaren een bewonderaarster van Ritters werk. Uiteindelijk kwam van het een natuurlijk toch het ander en niet veel later toerden de twee een poosje samen door de VS.

Het contact was tijdens die tour dus danig dat Ritter toen het materiaal voor Fever Breaks vorm begon te krijgen Isbell, zonder daar te veel van te verwachten, vroeg of hij soms tijd en zin had om het album te produceren. Die stemde in, maar bepaalde wel de ‘voorwaarden’ en bepaalde dus ook locatie en personeel. Spannend, aldus Josh, om andere betrokkenen zoveel invloed te geven op het resultaat, maar wel iets dat werkte. En efficiënt ook. Eerder was hij met het ruwe materiaal al op visite geweest in huize Shires/Isbell, alwaar men recht voor z’n raap meedacht, kritiek uitte en selecteerde.

Onze ambassadeur Eddie Aarts constateert in zijn concertvoorbeschouwing dat Josh Ritter op zijn nieuwste album Fever Breaks uit een ander, ruiger vaatje tapt.

All Some Kind of Dream

Accepteer de voorkeurscookies om de video te bekijken.

Wat pittiger aangezet gitaarwerk

Eenmaal thuis wachtte Ritter dus nog flink wat werk, want een flink deel van de songs ging nog aardig op de schop voordat hij afreisde naar de fameuze RCA Studios in Nashville. Daar kregen zijn gewoontegetrouw al vrij precies uitgewerkte composities hun uiteindelijke vorm. Die past onmiskenbaar bij Ritter, maar bevat geregeld wat pittiger aangezet gitaarwerk, Shires’ sfeerbepalende vioolspel en een sound die we ook geregeld terughoren op Isbells eigen plaatwerk. Song-technisch blijken de stijlen van beide heren zo nu en dan overigens verwanter dan je misschien zou denken.

En The Royal City Band dan…?

Aan de leden van de Royal City Band, die hem naar we mogen aannemen ook tijdens de komende Europese shows zullen vergezellen, de schone taak de sfeer van Fever Breaks te reproduceren. Daarvoor hebben deze al jaren meespelende en -zingende sidekicks beslist alles in huis, al mogen we ons er ook niet over verbazen wanneer nummers die we kennen van hun ‘stevige’ studioversie, nu juist een heel ‘kleine’, akoestische uitvoering met contrabas en accordeon krijgen.

Tekst door: Eddie Aarts

NB: Het interview met Josh Ritter staat in de nieuwe editie van popmagazine Heaven die nu in de winkel ligt.

Koop hier je kaarten voor Josh Ritter op 19 juli in Paradiso.