
Binnen één jaar groeide C’est Qui? uit tot een non-stop tourende garagepunkmachine. Zangeres Jazzebelle, gitarist Kiki, bassist/producer Otje en drummer Leander rammen zich door het land met shows die luid zijn, politiek geladen, maar vooral: onmiskenbaar echt.
Op 3 januari trappen ze 2026 af op de Indiestad Nieuwjaarsborrel in Paradiso. In aanloop naar die show spreken we Jazzebelle en Kiki over chaosshows, de scheve machtsbalans in muziek en waarom punk voor hen niets te maken heeft met een hanenkam, maar alles met intentie.
Dit is wat je in huis haalt
Jullie hebben in één jaar meer meegemaakt dan sommige bands in vijf. Hoe hebben jullie die eerste periode ervaren?
Kiki: “In januari speelden we onze allereerste show. Het slaat nergens op als je er nu naar kijkt, maar sindsdien zijn we gewoon niet meer gestopt met touren. Alles ging zó snel.”
Jazzebelle: “Overwhelming, maar ook vet. Als ik terugdenk aan dit jaar, kan ik me misschien maar een paar shows echt scherp herinneren. Het was één lange roes.”
Kiki: “Donderdag tot zondag waren we basically altijd met de band bezig. Ook als we ziek, kapot of chagrijnig waren. En maandag weer gewoon naar school of werk. Best heavy, maar het klopte gewoon meteen, omdat we het allemaal echt wilden.”
Hoe was de Popronde-ervaring?
Kiki: “Heftig, maar waardevol. Het bracht ons op plekken waar we anders nooit zouden komen.”
Jazzebelle: “Over Popronde zelf: alleen maar liefde. Echt een heel fijn initiatief. Maar als je door het hele land speelt, kom je ook plekken tegen waar het schuurt…”
Kiki: “Sittard was voor ons wel hét moment. We stonden in een kroeg, wilden onze Palestijnse vlag ophangen en toen werd gezegd dat dat niet mocht. We waren echt in de war. Want als je ons boekt, kun je dat ook wel verwachten. We willen geen compromissen sluiten. Dit is wat je in huis haalt, punt.”
Jazzebelle: “Het was gewoon een kut-ervaring op dat moment, maar tegelijk stonden er meteen zó veel mensen klaar om te helpen. Er werd een andere plek geregeld én een busje om alles direct in te laden. Last minute, maar het werd gewoon gefixt.”
Kiki: “Juist doordat iedereen ons met man en macht hielp, werd het ook een mooie ervaring. Heel wholesome.”
Gelijkheid als intentie, niet als etiket
Is woede jullie grootste brandstof?
Jazzebelle: “Woede is nooit één ding. Er zit verdriet onder, frustratie, soms een beetje wanhoop. Maar ook hoop en visie dat het beter kan. Niet dat ik de oplossing ben, maar ik wil me wel uitspreken. Dat móét eruit.”
Kiki: “We ranten niet alleen. Het is meer een spiegel: dit speelt er, kijk ernaar, doe ermee wat je wil.”
Waar worden jullie op dit moment het meest kwaad om?
Jazzebelle: “Als we dan toch concreet worden…”
Kiki: “…dan vooral over gelijkheid in de muziekindustrie. Het is nog steeds scheef. Kijk naar festival line-ups: veel meer mannen dan vrouwen. En zelfs als vrouwen wél geboekt worden, voelt het soms giftig. Dan gaat het niet om de muziek of de act, maar om het vinkje: ‘kijk ons eens inclusief boeken’, vooral als de boeker een man is. Dan staat het ineens goed op papier, maar klopt het niet in de intentie.”
Jazzebelle: “Ja, fuck dat. Echt.”
Kiki: “Er wordt gewoon nog steeds anders naar mannen en vrouwen gekeken. En dat dubbele is tricky: je wil wél verandering, maar je wil niet het uithangbord worden van iemand anders’ marketingstrategie.”
Jazzebelle: “Daarom was 'Girls To The Front' wél vet. Dat is een compilatiealbum waar alleen maar FLINTA*-acts op staan: vrouwen, trans-vrouwen, non-binair, queer, alles wat onder die paraplu valt. Wij mochten daar dit jaar een nummer voor maken: ‘Filthy Hands’. Zo’n focus is fijn, maar het moet niet uitgemolken worden. We willen geboekt worden omdat de muziek eerlijk is. Niet puur omdat we vrouw zijn.”
Kiki: “Precies. Gelijkheid moet normaal zijn. Niet niche. Niet ‘een ding’. Gewoon logisch.”
* Female Lesbian Intersex Non binary, Trans & Agender

C'est Qui?
Live on Valentine's Day
Impact herken je aan de randen
Voelen jullie dat jullie boodschap écht landt tijdens shows?
Jazzebelle: “Ja, je merkt het wel. Tijdens het liedje ‘WTHW’ pak ik soms even de microfoon om iets te zeggen over dat mannen van vrouwen af moeten blijven. Niet iedereen blijft luisteren: één keer liepen er zelfs vier gasten weg. En eerlijk? Sick. Dat soort reacties laten juist zien dat het raakt.”
Kiki: “Dat is meer waard dan iemand die de hele set zag en dacht: ‘ha, grappig bandje.’
Het zijn juist de mensen die schuren, worstelen, of afhaken: dáár gebeurt iets.”
Is dát dan punk?
Jazzebelle: “Voor ons wel. Punk komt uit een activistische kern, daar moeten we eerlijk over zijn. De esthetiek van vroeger is vet, maar die draag ik niet per se. Mijn teksten wel: die móéten eruit en komen nog steeds uit diezelfde rauwe waarheid.”
Kiki: “Het is zelfexpressie die de scheve dingen in daglicht zet. Hoe het eruitziet, maakt niet uit, als het maar iets dóét.”
Jazzebelle, jij schrijft alle teksten. Wanneer is iets ‘urgent genoeg’ voor een nummer?
Jazzebelle: “Veel voelt urgent, maar wat ik schrijf is gewoon mijn waarheid. Ik leef het ook echt na. Ik kan heus een preek houden over de consumptiemaatschappij, maar ik koop zelf ook graag dingen. Dan wordt het ingewikkeld om daar met 1000% over te schreeuwen. Dus wat ik schrijf is gewoon wat ís.”
Hoe ziet ontladen eruit als je níét op een podium staat?
Jazzebelle: “Mijn hoofd is intens om in te wonen. Ik ben rusteloos, slaap slecht zonder hulpmiddelen. Twee dingen halen me daaruit: dansen… of puzzelen. Wasgij-puzzels zijn vet. Je puzzelt niet wat er op de doos staat, maar de toekomst van het plaatje. 1000+ stukjes, superintens. Dan denk ik nergens anders aan. Ik heb er de afgelopen maand vijf gemaakt.”
Het hoofdstuk hierna
Met Friendly Fire als nieuwe boeker en Noorderslag op de horizon, voelt 2026 als een versnelling, niet als een adempauze. Klaar voor?
Kiki: “Zeker, het is nu echt de tijd. Dat grotere podia ons ongefilterd boeken? Heel cool om te zien. Onze muziek is namelijk best brutaal.”
Jazzebelle: “En wij zijn dat ook. Niks is gesugarcoat. Het geeft bevestiging. Teringveel zin in.”
En… is er nieuwe muziek in zicht? Wat kunnen we verwachten?
Kiki: “Een plaat.”
Jazzebelle: “Eerst een single. Snel.”
Kiki: “Het komt eraan zodra de dagen langer worden.”
Tot slot: als jullie vanaf 2026 één ding in de industrie konden veranderen, wat zou dat zijn?
Jazzebelle: “Meer money op die streamings. Waar slaat dat op? Waar ís ons geld? Oh, en meer overheid-funding voor kunst en cultuur.”
Kiki: “Eens. 100%.”











